Denk niet zwart, denk niet wit, denk blended
26 juni 2008, themabijeenkomst e-learning & flexibiliteit van het netwerk onderwijskundig medewerkers, Hogeschool van Amsterdam.
In deze bijeenkomst gaan we in op de vraag hoe onderwijs flexibeler is te maken, en inzoomen we in op de bijdrage van e-learning. Michiel van Geloven is uitgenodigd om dit thema te begeleiden.
Flexibiliteit als rode draad
Michiel laat als eerste een filmpje zien van het studielandschap van de opleiding Industrieel Ontwerpen op de Universiteit Twente. Bij de vormgeving van het studielandschap van deze opleiding is sterk rekening gehouden met het gebruik van onder meer laptops om het onderwijs flexibeler te maken. Hierna vraagt Michiel om de mooiste ICT-toepassingen die in de HvA gebruikt worden te noemen. Hij benoemt de argumenten en de tools die worden genoemd bij het bepalen van de mooiste ICT-toepassingen in de HvA:
- Het is een virtuele multidisciplinaire omgeving - (BSCW)
- Het biedt de mogelijkheid tot een virtuele terugblijk - (Webcollge)
- Het biedt een flexibele toegang o.a. voor beoordelen - (Digitaal portfolio)
- Het biedt veel mogelikheid voor online samenwerken - (Outlook)
- Je ziet wat de andere instituten doen - (Webcollege)
- ICT helpt je denken - (Word)
- Afstandsonderwijs - (BSCW)
- Studenten volgen op gedrag - (DiViDU)
Michiel analyseert de lijst en stelt dat in de genoemde argumenten flexibiliteit als rode draad naar voren komt!
Drie soorten uitdagingen
Vooraf is aan alle deelnemers gevraagd voor welke onderwijskundige uitdagingen zij zich gesteld zien. De verzamelde input heeft Michiel bekeken en hij stelt dat hij daarin met name drie categorieën uitdagingen ziet.
De eerste categorie uitdagingen heeft te maken met bewustzijn & beheerbaarheid.
De genoemde uitdagingen zijn:
- Onderwijs op maat binnen budget.
- Bewustzijn genereren bij onderwijsgevenden over ICT-mogelijkheden.
- Leidt ICT tot meer of minder werk voor docenten.
Michiel stelt dat dit belangrijke aspecten zijn die op het eerste gezicht niet onderwijskundig van aard zijn, maar te maken hebben met een kosten-baten analyse. De tijd die docenten aan een tool moeten besteden is cruciaal. Moet het tijd besparen?
Hij laat vervolgens een filmpje zien van de tool DiViDU die docenten tijd bespaart én die betere mogelijkheden biedt om studenten op een kwalitatief gewenste manier te begeleiden.
De tweede categorie uitdagingen zijn meer onderwijskundig van aard.
Bijvoorbeeld:
- Hoe kan een digitale leeromgeving helpen bij het sociaal dialogische aspect van de opleiding MWD.
- Intensieve samenwerking tussen opleiding, comaker-bedrijf en student.
Wilma Kannegieter vertelt over het project Sociaal verhaal. Hier interviewen studenten mensen, publiceren het verhaal en analyseren de respons etc.
Michiel beschrijft het project Videocommunicatie: hier zijn didactische scenario’s beschreven voor het inzetten van een videocommunicatie voor onder meer stagebegeleiding.
De derde categorie argumenten heeft betrekking op de veranderingen in onderwijsvormen, lesmateriaal en toetsing.
Genoemde uitdagingen zijn:
- Grote aantallen deeltijdstudenten van (ver) buiten de stad.
- Vakinhoud digitaal maken én digitaal durven toetsen met het oog op flexibilisering.
Michiel maakt duidelijk dat flexibel(er) onderwijs een - ingrijpende - verandering is waarbij de attitude van docenten de sleutelfactor is.
Belangrijk voor de HvA
In het tweede deel van de bijeenkomst gaan we onder leiding van Michiel met elkaar in discussie. Onder meer formuleren we argumenten voor of tegen een door Michiel aangedragen stelling (zie diapresentatie no 9), die we daarna tussen groepen uitwisselen en bediscussiëren. Dit leidt tot een lijst van de volgende ‘conclusies’:
- ICT moet transparanter zijn voor de gebruiker.
- Niet elk leerdoel is geschikt voor e-learning.
- Docent moet (ook) gestuurd worden door management.
- Docent moet regie kunnen voeren over leren.
- Studenten contact is en blijft een sleutelfactor.
- Betaalbaarheid? Maak een business case.
- Meer aandacht voor tijd- en plaatsonafhankelijk & individueel leren.
- Toets bepaalt wat studenten doen. Je hebt gevarieerde toetsvormen nodig.
- (Meer aandacht voor) hergebruik van materialen.
Evaluatie en hoe verder
Tot slot wordt een uitgebreide evaluatieronde gehouden waarin Michiel elke deelnemer onder meer vraagt te formuleren wat hij/zij van de bijeenkomst denkt mee te nemen. Hier kwam waardevolle informatie op tafel. Onder andere werd door meerdere personen gesteld dat we als HvA met elektronische toetsen aan het werk moeten. Ook is het nodig, meer algemeen gesteld, om - meer - experimenteerruimte te realiseren. Op die manier wordt ICT of e-learning als onderwijskundig aspect opgepakt, en niet als een technisch fenomeen.
